Zachariël> Artikel    
 

   
   
   
 
   
   
 


Over Zachariël


Artikelen


Contact


   
 


Links


 

 


   
   
 
Op alle artikelen op deze website rust auteursrecht.
Overname zonder toestemming is verboden
   
 
Copyright publications.
Publication without permission not allowed.
   
   
 
Logo by
Floor Bos en Edwin Schild.

 

  22/06/05

printversie:
(geen PDF? klik hier)

Beeld van een tijdsgedrocht

De gemeenschap als norm

Door EB v Loon

‘Intolerant tegen intolerantie’ ‘Bedrijfsleven moet vetzucht tegen gaan’ ‘Verbod aparte zwemles meisjes;’ het zijn een paar krantenkoppen van de afgelopen periode. Wat ze met elkaar delen, is het streven naar eenvormigheid in gedrag en woord. Maar welke prijs moet betaald worden om gezamenlijkheid tot norm te verheffen? Ebeth van Loon ging op zoek naar een paar antwoorden en ontdekte hoe het gedachtegoed van Amitai Etzioni, bekend gemeenschapsdenker en inspirator van Balkenende, exemplarisch is voor het jaren-50 spook dat rondwaart in ons land.


Amitai Etzioni: op het eerste gezicht

Begin 2004 keek ik naar ‘De waardenfluisteraar’, een documentaire van het VPRO programma Tegenlicht.(1) Daarin werd de invloed van het communitaristische gedachtegoed van Amitai Etzioni op Balkenende getoond. Volgens deze joodse socioloog moet niet de overheid, maar de gemeenschap de norm bepalen in een samenleving; dat wat men déélt met elkaar, wordt het morele uitgangspunt. De werkvorm daarvoor is de dialoog. Zijn kernwoorden vormen een mooi plaatje; gemeenschappen, zoeken naar wat je deelt, de dialoog aangaan.


Amitai Etzioni, medio jaren ‘80

Een andere indruk die gegeven wordt, is dat de overheid een meer faciliterende rol krijgt toebedeeld en het zwaartepunt decentraler komt te liggen, bij de gemeenschappen. Onder een heel aantal politici geniet Etzioni respect en invloed. Zo hebben bijvoorbeeld Bill Clinton, Tony Blair, Joska Fischer en Gerhard Schröder zich door hem laten inspireren. Bij Blair en Schröder’s bekende ‘Derde Weg’, tot uitdrukking komend in het ‘Nieuwe Midden’ manifest voor de Europese sociaal-democraten in 1999, is het communitaristische gedachtegoed al in de naamkeuze te vinden: ‘Tussen markt en absoluut overheidsdenken in’.


The New Golden Rule, Etzioni's standaardwerk uit 1996:
"Respecteer en behoudt de morele orde van de maatschappij
zoals jij wilt dat de maatschappij jouw autonomie respecteert en behoudt."

In Nederland zijn uiteenlopende beleidsmakers gecharmeerd van de gedachten van Etzioni. In de documentaire komt bijvoorbeeld VVD-er Joris Voorhoeve aan het woord. Samen met een select, maar politiek zeer divers gezelschap had hij net Etzioni aangehoord. Het sprak hem erg aan, ‘Want naast staat en markt is er ook de maatschappij’ en ‘Ik deel de nadruk die op dialoog gelegd wordt.’ Een heel zware buil kan je niet vallen, met zulke uitspraken.

Tweede gezicht: de geschriften van Etzioni

Op het eerste gezicht klinken Etzioni’s woorden acceptabel voor ongeveer iedereen. Maar op het tweede gezicht? Hoe zien zijn ideeën over gemeenschap, moraliteit en samenwerking er concreet uit, en wat betekenen ze voor de plek van het individu, als je ‘de gemeenschap’ normatief leidend laat zijn voor de inrichting van de maatschappij? Via internet belandde ik op Etzioni’s website en kreeg meerdere voorbeelden onder ogen.(2) Zo bleek hij zich onder andere gebogen te hebben over het vraagstuk van de jeugdcriminaliteit. Hij stelde voor om jeugdige delinquenten kaalgeschoren en in hun onderbroek naar hun familie terug te sturen en vervolgens hun misdragingen met naam en toenaam op lokale TV en kranten te vermelden. De schaamte die dat veroorzaakte en de angst om door hun gemeenschap verstoten te zullen worden, zou ze wel weerhouden van nog een uitglijder. Een ander voorbeeld van deze denkrichting is te vinden in Etzioni’s epistel: ‘Orgaandonatie: een communitaristische benadering’.(3) Het is een praktisch artikel, waarin allerlei tips staan die moeten leiden tot meer orgaandonaties. Het streven is om ‘ van orgaandonatie een daad te maken die mensen doen omdat ze het rekenen tot hun maatschappelijke verantwoordelijkheid, iets dat een goed mens doet, vergelijkbaar met vrijwilligerswerk, donaties voor een goed doel, niet parkeren op plaatsen voor gehandicapten, recycling, je auto niet wassen als er watergebrek is, etc.’ (4) Een van zijn aanbevelingen is om op internet een ‘Boek van Donoren’ te zetten. ‘Allereerst, het zou maatschappelijke erkenning geven aan degenen die doneren. Ten tweede zou het milde maatschappelijke druk leggen op degenen die nog niet naar voren gestapt zijn.’


Limits to Privacy (2000); veelzeggende titel

Over (o.a.) moraliteit en gemeenschap sprak Etzioni op 7 september 2004 in Den Haag, waar hij als hoofdspreker uitgenodigd was op het door Balkenende geïnitieerde Europese normen en waarden symposium ‘Europa, een prachtig idee’. Een gemeenschap is volgens hem een sociale entiteit, waarbinnen morele cultuur, waarden, rechten en plichten gedeeld worden. Hij vindt dat mensen zich niet alleen aan de wettelijke voorschriften moeten houden, maar ook aan de waarden per cultuur; ‘Alle burgers delen een plicht om de culturele erfenis van hun natie te verzorgen en hoog te houden, ook als ze deze willen aanvullen en verrijken’. We verkeren volgens hem op dit moment in een morele crisis; de sterke gezamenlijke morele waarden uit de jaren 50, die door vrijheidsbewegingen verdwenen zijn, hebben plaatsgemaakt voor morele anarchie:

‘Het probleem is niet dat deze bewegingen het oude regime omvergeworpen hebben, maar dat er geen nieuwe algemeen geaccepteerde morele deler geformuleerd is. Het morele vacuüm dat hiervan het gevolg was, leidde tot het vieren van eigengereid, individualistisch gedrag, verder gepromoot tijdens de jaren 80- door het Thatcherisme en Reaganisme; tot de notie dat als iedereen alleen voor zichzelf zorgt, niet alleen de economie maar ook de maatschappij wel zou varen, een absurde en antisociale notie. Hetzelfde vacuüm bedreigt nu de sociale orde en nodigt religieus fundamentalisme uit, terwijl meer en meer mensen zich bedreigd voelen door het gebrek aan morele waarden, om hun leven te begeleiden, om hun commitment aan hun kinderen te definiëren, van kinderen naar hun ouders, van mensen naar hun buren en de gemeenschap in het groot. De tijd is gekomen om het dogma angst te overwinnen, de angst dat proberen om een nieuw gedeelde moraal te formuleren zal leiden tot een terugkeer naar de traditionele, autoritaire waarden van de vijftiger jaren of erger-naar een soort pre 1945 totalitaire ideologie. Het gevaar nu is er niet een van moralistische excessen, maar van morele anarchie. De tijd is rijp om de verantwoordelijkheden te definiëren die we hebben naar elkaar toe, niet alleen de rechten die wij opeisen; de erkenning dat sterke rechten sterke plichten veronderstellen.’ (5)


Etzioni en Balkenende bij de opening van het Europa Symposium (6 september 2004)

Het meest recente thema van Etzioni is ‘mondiale architectuur.’ Naast zijn gastsprekerschap op bovengenoemd symposium, (waar hij zich lyrisch uitliet over de EU, die volgens hem een voorbeeldfunctie te vervullen heeft voor de rest van de wereld) schreef hij meerdere artikelen over het onderwerp. Er verscheen een boek in 2004, met een lovende recensie van Balkenende op de achterkant. De titel luidde: ‘From Empire to Community, a new approach to international communities.’ Etzioni pleit daarin voor een toename van ‘transnationale gemeenschappen’; parlementen zoals de EU en de VN, waar besluiten worden genomen over alles wat gevolgen kan hebben die verder strekken dan de nationale grenzen. Transnationale instituties vormen voor hem duidelijk het ideaalbeeld. Zij vormen de wereldgemeenschap, omdat er afgevaardigden uit de hele wereld zitting in hebben. De leidraad voor deze instituten dient de mondiale morele deler te zijn. Zeer interessant is dat Etzioni vindt dat de westerse waarden van vrijheid en democratie aangevuld dienen te worden met algemene waarden uit het Midden Oosten, te weten: meer respect voor autoriteit en inzet voor de gemeenschap.(6)

Analyse

Tot zover Etzioni zelf over deze onderwerpen. Wat opvalt bij de eerste twee voorbeelden over gewenst gedrag van mensen, is dat hij schaamte als regulerend mechanisme bij groepen gebruikt om de in zijn ogen moreel wenselijke doelen te bereiken.(7) Dat is nogal wat. Hoewel hij zelf beweert niet terug te willen naar de jaren 50, wordt hier regelrecht de emancipatiegolf van de jaren 60-70 aangevallen; alle bewegingen die zich ontrukt hebben aan de algemeen geldende norm in die tijd, zoals de homo’s, provo’s en punkers.(8) In zijn toespraak over gemeenschappen is Etzioni zo slim om te zeggen dat men niet bang moet zijn dat deze bewegingen te niet worden gedaan. Maar in zijn vervolgbetoog verraadt hij zichzelf; het probleem is, dat er vervolgens niet een nieuwe algemene normen- en waarden deler voor in de plaats is gekomen! De inhoud ervan zal inderdaad nu waarschijnlijk anders zijn dan in de jaren 50, maar de werking en plaats die deze volgens Etzioni in de maatschappij moet innemen is centraal en dwingend, geldend voor iedereen.
Waarom grijpt hij terug op algemene regels die de mens moreel moeten leiden? Het logische antwoord hierop is dat Etzioni de mens niet in- en vanuit zichzelf als moreel wezen ziet, laat staan als een wezen dat uit zichzelf scheppend met anderen tot een morele gemeenschap kan komen.(9) In lijn hiermee is te zien hoe in zijn voorbeelden tal van op zichzelf prima morele handelingen meteen als algemeen geldend en vaststaand neergezet worden. Het worden regels waar ieder mens zich naar moet voegen. Je geeft donaties aan een goed doel omdat ‘een goed mens dat doet’.


Den Haag, 7 september 2004
Ook Mabel was van de partij op Balkenende’s symposium

Bij Etzioni’s ideeën over transnationale gemeenschappen duikt weer het eerste en tweede gezicht op. Het eerste is dat van de wereld als één grote gemeenschap; iedereen die met iedereen samenwerkt en verbonden is. In tweede instantie wordt zichtbaar dat hier een betoog gehouden wordt om bepalende normen en waarden niet alleen door nationale, maar zelfs transnationale instituten vast te stellen, waar iedere burger waar ook ter wereld zich vervolgens aan dient te houden. De eerste indruk dat er bij dit gemeenschapsdenken sprake is van een decentraliserende beweging naar de maatschappij tóe, blijkt dus absoluut niet te kloppen. De nationale overheid verliest haar besluitvormende bevoegdheid niet aan de burgers, maar omgekeerd aan het opgaan in een soort wereldgemeenschap; het afstaan van autoriteit naar boven toe. Het uitgangspunt is: hoe groter de gemeenschap, hoe groter de algemene deler, hoe beter. Met elke stap die hierin gezet wordt, neemt een verhoudingsgewijs kleinere groep beleidsmakers over een grotere groep burgers besluiten. Het democratische gehalte van de samenleving erodeert onder je ogen. Het is op zijn minst verbazingwekkend dat dit wordt gepromoot onder de noemer van ‘terug naar de gemeenschap’.

Balkenende en Nederland

Laten we kijken in hoeverre Etzioni’s ideeën exemplarisch zijn voor Nederland anno nu. In het afrondende debat over normen en waarden dat kortgeleden plaatsvond in Den Haag, werd door meerdere politici lacherig gedaan over Balkenende’s pleidooi voor de herwaardering van stoepje vegen, je buurman groeten en andere persoonlijk gedrag.(10) De VVD moest er niets van hebben, Groenlinks, de SP en PvdA riepen om meer aandacht voor het ‘Grote Fatsoen’ zoals de bestrijding van armoede en dat soort zaken. Het gaf een nogal misleidend beeld, dat verhulde dat de kern van Balkenende’s normen en waardenvisie door vrijwel de hele kamer, van links tot rechts, gedeeld wordt. Samengevat luidt deze dat de overheid de hoeder is van de normen en waarden in de samenleving en dat zij deze met maatregelen moet versterken en verdedigen. Nu heeft de Nederlandse overheid altijd al wel een normerende houding gehad, maar tegenwoordig lijkt het hek echt helemaal van de dam.

Zo stond in de krant, pal naast het verslag over het normen en waardendebat, een stuk met de kop: ‘Ongezond leven is geen recht’. De VVD bewindsman Hoogervorst gaf in een interview aan dat hij het ‘ongebreideld’ gebruik van de gezondheidszorg door ongezond levende mensen ‘onverantwoord’ vindt. Geen partij die hierover in de gordijnen is gesprongen. Naast de gezondheidszorg, is de toenemende normerende houding van de overheid ook zichtbaar ten aanzien van onderwijs en tal van algemene voorzieningen.(11) Neem het recente politieke idee in Amsterdam om gematigde moslimliteratuur te gaan verspreiden, of een D’66 staatssecretaris die roept dat alleen educatieve spelletjes thuis horen op het publieke net. Neem de voorstellen rond wijziging van grondwetsartikel 23 dat de vrijheid van onderwijs garandeert. Sterk leeft daarbij het voornemen om alleen algemeen openbaar onderwijs nog te financieren, omdat kinderen daar de ‘juiste inhouden’ geleerd krijgen. Het CDA is nog tegen, maar eventueel vóór als de christelijke scholen nog wel betaald worden.
Balkenende omschreef zijn normenvisie in navolging van Etzioni als: ‘Diversiteit binnen eenheid, het beeld van een mozaïek’. De steentjes zijn verschillend, maar ze passen in één raamwerk. Het is niets minder dan de verzuiling revisited in megalomane vorm. Waar er veertig jaar geleden nog verschíllende geloofszuilen waren met bijbehorende gemeenschappen en eigen waardestelsels, is de Tweede Kamer nu hard aan het werk om Nederland tot één zuil samen te voegen.

Het tweede deel van Balkenende’s normen en waardenvisie gaat, geheel in lijn met Etzioni, over een andere verdeling van verantwoordelijkheden en het belang van sterkere plichten. Ook dit vindt navolging in Den Haag, zij het dat op dit onderdeel de SP en Groenlinks een andere mening zijn toegedaan. De rest, inclusief de PvdA, deelt de opvatting dat de verzorgingsstaat verleden tijd is en dat van de mensen van tegenwoordig verwacht mag worden dat ze zelfredzamer zijn en meer ‘eigen verantwoordelijkheid’ nemen.(12) Zo hield Balkenende januari jongstleden op de Bilderbergconferentie van de Christelijke Werkgeversstichting VNO-NCW een toespraak met de titel: ‘Op eigen kracht; van verzorgingsstaat naar participatiemaatschappij’.(13) ‘De verzorgingsstaat sloot goed aan bij een industriële samenleving die nog sterk hiërarchisch van karakter was en waarin arbeidsrelaties heel constant waren. De netwerksamenleving van nu - met geëmancipeerde burgers en dynamische arbeidsrelaties- vraagt om meer vrijheid en verantwoordelijkheid voor bedrijven en werknemers. Solidariteit krijgt gestalte in kleine collectieve verbanden’.

De wat vage woorden van Etzioni, dat overheidstaken door gemeenschappen moeten worden overgenomen, worden hier concreet gemaakt: het bedrijfsleven wordt als typische gemeenschap gepresenteerd, die het moet gaan doen.(14) Deze zienswijze is onder andere terug te vinden in het beleid ten aanzien van kinderopvang, waar de overheid steeds minder geld voor beschikbaar stelt en de werkgever een steeds belangrijkere rol in toebedeeld. Ook de nieuwe voorstellen voor de WAO en andere regelingen uit het (sociale) verzekeringsstelsel staan in deze lijn.(15) Steeds meer verzorgingstaken van de overheid worden afgewenteld op het bedrijfsleven en in het verlengde daarvan op de burgers zelf.

De opvattingen over zelfredzaamheid en plicht zijn terug te vinden in de algemene houding ten aanzien van uitkeringsgerechtigden. Zo wordt een uitkering tegenwoordig steeds minder als recht beschouwd en in toenemende mate als gunst.(16) Laetitia Griffith, VVD icoon en kersverse wethouder in Amsterdam, neemt hierbij Etzioni’s aanpak ter voorkoming van ‘afwijkend gedrag’ zelfs helemaal over, door te zeggen dat mensen met een uitkering ‘zich weer moeten gaan schamen’.(17) Het doet denken aan de Middeleeuwen, waar de armen als ze geluk hadden aalmoezen kregen uitgereikt aan de poorten van de kloosters. De dankbaarheid, verbonden aan de schaamte, komt dan ook al snel om de hoek kijken; iemand is zo goed geweest om jou, arme sloeber, voor een dag van je honger te verlossen. Denk vooral niet dat je er recht op hebt, dat stimuleert je namelijk niet iets aan je situatie te doen.
Het is helemáál fascinerend, dat deze zelfredzaamheid in het politieke jargon ook nog eens aan plichtsbesef gekoppeld wordt. Een recht wordt weggenomen en het gat dat ontstaat wordt plicht genoemd. Als vervolgens iemand zelf dat gat niet kan dichten, komt de dwang tevoorschijn. Dit is goed te zien in een recent advies van het Innovatieplatform (onder leiding van SER-voorzitter Herman Wijffels) (18) over de vraag hoe Nederland op kennisgebied in de vaart der volkeren mee kan komen. Een van de aanbevelingen was om werklozen te verplichten tot scholing. Doen ze dit niet, dan volgen kortingen op hun uitkeringen. Het kabinet heeft de adviezen inmiddels overgenomen, het moet nog behandeld worden in de Tweede Kamer.(19) Dit alles natuurlijk met goede bedoelingen. Typerend tijdsfenomeen is dat pleidooien voor dergelijke maatregelen steevast vergezeld gaan met opmerkingen dat het juist heel sociaal is en in het eigen belang van de betrokkenen. Bijvoorbeeld: Alleenstaande bijstandsmoeders moeten hun kinderen al vanaf 2-3 jaar naar de kinderopvang brengen, want anders missen ze de boot op de arbeidsmarkt. Het is daarom heel sociaal om ze te dwingen.

Resumerend: In de praktijk blijkt Etzioni’s pleidooi voor een grotere nadruk op plichten erop uit te draaien dat allerlei rechten simpelweg verdwijnen. Zo ontstaat nu juist het morele vacuüm waar hij zelf zo bang voor is.

Als het over transnationale samenwerking gaat zoals Etzioni dat voorstaat, is een ruime meerderheid van de kamer, van Groenlinks tot de VVD, grote voorstander.(20) Wat we horen, is dat het goed voor de wereldvrede is, en wie is er nou tegen samenwerking met andere landen? Wat we niet horen, is dat minimaal 60% van de besluiten op onze nationale agenda inmiddels door Brussel bepaald worden.

De tendens om besluitvorming steeds meer bij internationale instanties te leggen, heeft enorme gevolgen. Neem bijvoorbeeld het verdrag van Kyoto, waar Nederland aan deelneemt.(21) De aanname hierbij is, dat een overeenkomst over milieudoelstellingen tussen meerdere landen per saldo méér milieuwinst oplevert dan aparte eigen acties. In de praktijk zie je echter dat het verdrag veel verwaterde compromisvoorstellen oplevert. (Alle 55 partijen moeten eerst overeenstemming bereiken over de te nemen maatregelen, elk land moet het verdrag vervolgens afzonderlijk ratificeren.) Zo wilde Nederland aanvankelijk de broeikasgassen de komende jaren met 10% verminderen. Maar de EU, ook als partij aanwezig bij het verdrag, beschouwde dit als een te hoge inzet, waardoor we uiteindelijk op 8% zijn uitgekomen. Kijk je vervolgens naar Amsterdam, waar men in juni door de Raad van State op de vingers getikt is omdat niet aan de Europese luchtnormen voldaan wordt, dan doet de werkelijkheid nogal bevreemdend aan. Het maakt iets heel fundamenteels zichtbaar. Vanuit een ideaalbeeld van samenwerking, internationalisering en een soort ‘samen staan we sterk’ gevoel, wordt eigen zeggenschap uit handen gegeven. Vervolgens is niemand meer écht eigenaar van een uiteindelijk besluit en wordt er minder voortvarend met de aanpak van het oorspronkelijke probleem gestart. In dit gat springt vervolgens de EU, ter bevestiging van haar cruciale rol: Europa, dat Nederland beschermd tegen luchtvervuiling. De Grote Hoeder, waarin wij opgaan, zodat niet wij, maar een hogere instantie verantwoordelijkheid zal dragen. We kunnen dat ook niet meer trouwens, want niet alleen de normen maar ook de toegestane maatregelen worden grotendeels door de EU vastgesteld. Om in bovenstaande voorbeeld te blijven: het aanbrengen van roetfilters op dieselauto’s blijkt een zeer effectieve maatregel te zijn om luchtvervuiling tegen te gaan. Staatssecretaris van Geel wilde deze filters verplicht gaan stellen. Wat blijkt? Dit mag niet van Brussel. (22)
De werkelijkheid wordt vervolgens echt grotesk omdat nu in één klap in Amsterdam bouwprojecten zijn stilgelegd en bouwplannen in de ijskast worden gestopt. Men mag geen huizen bouwen in een woonomgeving met een dergelijke graad van luchtvervuiling. Leuk voor de woningnood in Amsterdam. Het is weinig anders als bestuurlijke chaos, met dank aan het communitarisme.

Tot Slot

Etzioni’s zwakke denkwijze is exemplarisch voor een manier van denken die als een anomalie uit de jaren 50 onze tijd doordrenkt. De tendens tot het creëren van één zuil, de zelfopheffing in het grotere geheel en het zelfredzaamheidsdogma horen geheel en al bij elkaar. Mensen vallen in een gat en de eenvormige dwang tot plichtsbesef moet ze er maar uit zien te halen. Bestuurlijk leidt het tot een toenemend onvermogen. Geen wonder dat de burger zich onzeker begint te voelen.
We hebben hier te maken met een directe aanval op de individuele menselijke creativiteit en daarmee het scheppende vermogen van onze samenleving. Het is hoog tijd om op te komen voor het recht van mensen om zelf hun leven vorm te geven: daaruit ontstaan heel andere gemeenschappen dan de huidige beleidsmakers zich kunnen voorstellen.


VS, 1967: 10 hippies bij elkaar in bad!
Wat een morele anarchie toch, die jaren ’60.

>Zie ook: De onbetrouwbare mens. Op zoek naar de bron van normvervaging (2002)

Noten

(1) Deze documentaire is te downloaden via; www.vpro.nl/tegenlicht/afleveringen Via internet kwam ik ook op een goed, bondig artikel over Etzioni uit de Groene Amsterdammer, 6 december 2003, door Aart Brouwer en Gustaaf Haan: ‘Aartsvader van het communitarisme’ waarvan ik ook gebruik van heb gemaakt voor dit artikel.
(2) www.amitai-notes.com of www.gwu.edu/~ccps/empire.html
(3) Zie: http://www2.gwu.edu/~ccps/etzioni/A302.pdf; Kennedy Institute of Ethics Journal, maart 2003
(4) Idem, p.5, vertaald door EVL
(5) Inhoud en citaten-vertaald door mij- zijn afkomstig uit zijn toespraak, die ook op internet te vinden is.
(6) http://www.gwu.edu/~ccps/etzioni/A324.pdf ‘On the need for more transnational capacity’, Florida Law Review, December 2004.
(7) Uit zijn autobiografie ( My brothers Keeper; A Memoir And a Message, 2003) blijkt dat deze visie sterk vervlochten is met zijn eigen levensverhaal. Zijn eerste bewuste ervaring werd gevormd door angst om ‘er uit’ te vliegen, bij een bijna-auto-ongeluk. De tweede ervaring was later, op school, waar hij de dreiging van een groep woedende medeleerlingen ervoer nadat hij met een paar anderen een kip uit de kantine gestolen had. Ook hier weer die angst, nu om figuurlijk uit de groep te vliegen.
(8) Dat in Etzioni’s betoog Reagan en Thatcher neergezet worden als gevolg van de jaren zestig, is niet heel doordacht. Het waren twee oerconservatieve politici, die allerlei vrijheden wilden terugdraaien.
(9) Individualisme ziet hij als een egoïstische ideologie, zie: http://www2.gwu.edu/~ccps/etzioni/A292.pdf; ‘Individualism-within history’ The Hedgehog Spring Review, voorjaar 2002
(10) Zie Parool en Volkskrant, 15 april 2005
(11) Over geneeskunde zie mijn artikel: ‘Vrijheid van geneeskunst’ op www.zachariel.nl
(12) Het valt me op, dat ‘eigen zelfstandigheid’ en ‘verantwoordelijkheid’ op veel plekken niet meer in de betekenis opgevat worden van vrijheid van mensen om hun leven naar eigen goeddunken vorm te geven en het vermogen om verantwoordelijkheid voor zichzelf en hun omgeving te nemen. Zo las ik vorig jaar een enquête over de eigen verantwoordelijkheid van burgers in de Volkskrant (18-9-04) De uitkomst van de peiling was dat de meerderheid van de mensen niet méér eigen verantwoordelijkheid wilde, met uitzondering van een aantal hoogopgeleiden die er geen bezwaar tegen hadden. Wat bleek? Er waren vragen voorgelegd in de trant van: vindt u het goed als u zelf meer betaalt en de overheid minder, op het vlak van verzekeringen en allerlei andere basisvoorzieningen. Het ging dus over zelfredzaamheid: het vermogen om in je eigen levensbehoeften te voorzien.
(13) Niet te verwarren met de jaarlijkse internationale Bilderberg Conferentie. Over Balkenende’s toespraak jubelde het NRC op de voorpagina: ‘Eindelijk een visie!’ (NRC, 24 januari 2005)
(14) Een concreet voorbeeld wordt ook genoemd: hij wil de sociale lasten weer terugleggen bij het bedrijfsleven.
(15) Waar je o.a. als je geen gebruik hebt gemaakt van je ziektekostenverzekering, aan het einde van het jaar een no-claim bonus krijgt. Plannen voor hogere accijns op ongezonde produkten, zoals alcohol en vet eten, liggen ook op de plank.
(16) Zie bijv.: ‘ Iedereen moet aan het werk: CPB adviseert mensen desnoods te dwingen’ Parool, 1 maart 2005. Ik neem het voorbeeld van uitkeringsgerechtigden, omdat het gezicht van de samenleving zich het duidelijkste toont bij mensen die het laagste op de maatschappelijke ladder staan. Bijstandsgerechtigden in Amsterdam kregen in 2004 te maken met onverwachte huisbezoeken, waarbij alles in de woning bekeken kon worden. In Groningen was in 2003 een proef, waarbij uitkeringstrekkers op straat werden gevolgd. In Alkmaar worden momenteel bijstandsaanvragers direct naar een werkloods van de gemeente verwezen: schijnt een groot succes te zijn.
(17) Zie het interview met Griffith in het tijdschrift Linda, 1-2005
(18) Herman Wijffels is lid van het CDA en een overtuigd aanhanger van Etzioni.
(19) Volkskrant, 17 november 2004: ‘Wijffels wil nationaal kennisplan - excellentie moet weer lonen.’
(20) Een kleine, even diverse, minderheid was tegen: SP, SGP, Groep Wilders. En toen kwam de daverende uitslag van het referendum.
(21) Op zich is samenwerking met anderen om problemen aan te pakken natuurlijk supergoed en slim. Waar het om gaat, is dat er geen dwang tot consensus mag zijn, en dat niet alle besluitvorming gecentraliseerd moet worden. Samenwerking waarbij iedere partij vrijgelaten wordt om een eigen keuze te maken, zou de creativiteit en het oplossend vermogen van alle betrokkenen enorm vergroten.
(22) Carrière & Overheid Magazine, 3-2005